Ziekte van Parkinson

‍

Je merkt dat bewegen steeds meer moeite kost. Je hand trilt wanneer je rustig zit, je spieren voelen stijf aan of je hebt meer tijd nodig om uit een stoel op te staan. Misschien merk je dat stappen minder vanzelfsprekend wordt en je soms het gevoel hebt dat je voeten aan de grond blijven kleven.

Maar de ziekte van Parkinson veroorzaakt veel meer dan alleen bewegingsproblemen.

Ook vermoeidheid, concentratieproblemen, slaapproblemen, een verminderde reukzin, angst en depressieve klachten kunnen voorkomen. Soms zijn deze klachten al aanwezig voordat de eerste duidelijke bewegingsproblemen ontstaan.

‍

De ziekte van Parkinson is een progressieve neurologische aandoening waarbij het verlies van dopamineproducerende zenuwcellen de werking van verschillende hersennetwerken verstoort.

‍

Deze netwerken zijn niet alleen betrokken bij beweging, maar ook bij aandacht, motivatie, geheugen en de regulatie van verschillende lichaamsfuncties.

Wetenschappelijk onderzoek toont aan dat de activiteit van deze hersennetwerken met neuromodulatie beïnvloed kan worden.

‍

Bij BRAI3N passen we gerichte neuromodulatie toe om de activiteit van hersennetwerken die betrokken zijn bij motorische en cognitieve Parkinsonsymptomen te beïnvloeden.

Hiermee streven we ernaar bepaalde klachten en hun impact op het dagelijks leven te verminderen.

‍

Neuromodulatie vormt een mogelijke aanvulling op de neurologische behandeling, medicatie en gespecialiseerde revalidatie.

‍

Wat is het juist?

Wat is de ziekte van Parkinson?

‍

De ziekte van Parkinson is een chronische, progressieve aandoening van het zenuwstelsel.

Bij Parkinson gaan geleidelijk zenuwcellen verloren die dopamine produceren. Een belangrijk gebied waar dit gebeurt, is de substantia nigra, een hersenkern die nauw samenwerkt met de basale ganglia.

Dopamine is een chemische boodschapper die helpt om signalen tussen zenuwcellen door te geven.

Binnen de motorische hersennetwerken speelt dopamine een belangrijke rol bij het starten, uitvoeren en controleren van bewegingen.

Wanneer de hoeveelheid beschikbare dopamine afneemt, verandert de samenwerking tussen verschillende hersengebieden.

Hierdoor kunnen bewegingen trager verlopen, spieren stijver worden en automatische bewegingspatronen moeilijker uitgevoerd worden.

Parkinson is echter meer dan een dopaminetekort.

Ook andere neurotransmitters en hersennetwerken kunnen betrokken zijn. Dit helpt verklaren waarom de aandoening naast motorische problemen ook cognitieve, emotionele, autonome en slaapgerelateerde klachten kan veroorzaken.

‍

‍

Welke motorische klachten kunnen voorkomen?

‍

1. Bewegingsvertraging (bradykinesie)

Bradykinesie betekent dat bewegingen trager en vaak ook kleiner worden.

Dagelijkse handelingen zoals aankleden, schrijven, eten of tandenpoetsen kunnen hierdoor meer tijd vragen.

Sommige mensen merken dat hun handschrift kleiner wordt of dat het moeilijker wordt om snel opeenvolgende bewegingen uit te voeren.

Bradykinesie is een van de belangrijkste kenmerken waarop een neuroloog let bij het stellen van de diagnose.

‍

2. Spierstijfheid (rigiditeit)

Bij Parkinson kunnen spieren voortdurend gespannen of stijf aanvoelen.

Dit kan bewegingen bemoeilijken en soms pijn veroorzaken.

Stijfheid kan voorkomen in de armen, benen, schouders of romp.

Sommige patiënten merken dat hun arm tijdens het stappen minder vanzelfsprekend meebeweegt.

‍

3. Tremor

Een tremor is een ritmische, onwillekeurige beweging, meestal van de handen of vingers.

Bij Parkinson komt vaak een rusttremor voor: het trillen is vooral aanwezig wanneer het betrokken lichaamsdeel ontspannen is.

Niet iedere patiënt met Parkinson heeft een tremor.

Omgekeerd betekent trillen ook niet automatisch dat iemand Parkinson heeft.

‍

4. Loop- en evenwichtsproblemen

Naarmate de ziekte evolueert, kunnen veranderingen ontstaan in het stappen en bewaren van het evenwicht.

De passen worden soms kleiner en het kan moeilijker worden om een beweging te starten of van richting te veranderen.

Bij sommige patiënten ontstaat freezing of gait.

Dit is een plotselinge, tijdelijke blokkering tijdens het stappen, waarbij de voeten als het ware aan de grond blijven kleven.

Deze klachten kunnen het valrisico verhogen en het zelfstandig functioneren beperken.

‍

‍

Welke niet-motorische klachten kunnen voorkomen?

‍

Naast de bekende bewegingsproblemen kan Parkinson verschillende andere hersenfuncties beïnvloeden.

‍

1. Aandachts- en concentratieproblemen

Sommige patiënten merken dat informatie verwerken meer tijd vraagt.

Het kan moeilijker worden om meerdere taken tegelijk uit te voeren, gesprekken te volgen of de aandacht vast te houden.

Ook plannen, organiseren en flexibel reageren op veranderende omstandigheden kan moeilijker worden.

Deze functies worden ook wel executieve functies genoemd.

Lees meer over aandachts- en concentratiestoornissen.

‍

2. Geheugenproblemen

Bij Parkinson kunnen ook geheugenklachten ontstaan.

Soms ligt het probleem niet zozeer bij het opslaan van informatie, maar bij het efficiënt verwerken of opnieuw oproepen ervan.

Ook veranderingen in aandacht en cognitieve controle kunnen bijdragen aan vergeetachtigheid.

Niet iedere patiënt ontwikkelt ernstige cognitieve stoornissen of dementie.

Meer informatie vind je op onze pagina over geheugenstoornissen.

‍

3. Slaapstoornissen en vermoeidheid

Slaapproblemen komen regelmatig voor bij Parkinson.

Sommige mensen hebben moeite met doorslapen, bewegen veel tijdens de nacht of ervaren een uitgesproken vermoeidheid overdag.

Ook een REM-slaapgedragsstoornis kan voorkomen, waarbij iemand tijdens de droomslaap bewegingen maakt die verband houden met de droominhoud.

Slaapklachten kunnen samenhangen met veranderingen in neurologische systemen die slaap en waakzaamheid reguleren.

Lees meer over slaapstoornissen.

‍

4. Angst, depressie en motivatieproblemen

Parkinson kan ook de regulatie van emoties en motivatie beïnvloeden.

Sommige patiënten ervaren angst, depressieve klachten of een verminderd initiatief.

Dit kan samenhangen met veranderingen in hersennetwerken die betrokken zijn bij beloning, motivatie en emotieregulatie.

Ook de impact van een chronische aandoening op het dagelijks leven kan hierin een rol spelen.

‍

5. Autonome en andere lichamelijke klachten

Parkinson kan bovendien de werking van het autonome zenuwstelsel beïnvloeden.

Hierdoor kunnen klachten ontstaan zoals obstipatie, bloeddrukdalingen bij het rechtstaan, problemen met de blaasfunctie of veranderingen in de temperatuurregulatie.

Ook reukverlies en pijn kunnen voorkomen.

De aard en ernst van deze klachten verschillen sterk van persoon tot persoon.

‍

‍

Wat gebeurt er in de hersenen bij Parkinson?

‍

De bewegingen van ons lichaam worden niet door één afzonderlijk hersengebied aangestuurd.

Verschillende hersennetwerken werken voortdurend samen om bewegingen voor te bereiden, te starten en bij te sturen.

Een belangrijk systeem is het basale-ganglia-thalamo-corticale netwerk.

‍

Hierbij werken verschillende gebieden samen:

‍

De basale ganglia

Deze diepgelegen hersenkernen helpen bij het selecteren en reguleren van bewegingen.

Ze beïnvloeden welke bewegingen worden uitgevoerd en welke bewegingen worden afgeremd.

‍

De thalamus

De thalamus vormt een belangrijk schakelpunt tussen verschillende hersengebieden.

Hij helpt informatie door te geven tussen de basale ganglia en de hersenschors.

‍

De motorische hersenschors

De motorische hersenschors is betrokken bij het aansturen van vrijwillige bewegingen.

‍

De supplementary motor area

De supplementary motor area (SMA) speelt een belangrijke rol bij het voorbereiden, organiseren en uitvoeren van bewegingsreeksen.

Dit gebied is bijzonder relevant wanneer bewegingen vanuit onszelf moeten worden gestart, zonder dat een externe prikkel daarvoor het signaal geeft.

Bij Parkinson kan de verminderde dopamineregulatie de samenwerking tussen deze gebieden verstoren.

Hierdoor worden bewegingen moeilijker gestart en verlopen ze minder vloeiend.

‍

‍

Parkinson als een stoornis van hersennetwerken

‍

Lange tijd werd Parkinson vooral beschouwd als een aandoening van dopamine en de basale ganglia.

Die verklaring blijft belangrijk, maar recent onderzoek laat zien dat de gevolgen veel verder reiken.

‍

In februari 2026 verscheen een grote studie in het wetenschappelijke tijdschrift Nature waarin Parkinson werd onderzocht vanuit het Somato-Cognitive Action Network (SCAN).

Dit netwerk verbindt hersengebieden die betrokken zijn bij beweging met systemen die instaan voor aandacht, motivatie, lichaamsregulatie en het organiseren van gedrag.

De onderzoekers analyseerden gegevens van 863 deelnemers uit verschillende onderzoeks- en behandelingsgroepen.

‍

Bij patiënten met Parkinson vonden zij een veranderde functionele verbinding tussen het SCAN en verschillende diepgelegen hersengebieden.

Dit wordt functionele connectiviteit genoemd: de mate waarin de activiteit van verschillende hersengebieden met elkaar samenhangt.

Opvallend was dat succesvolle behandelingen, waaronder medicatie en verschillende vormen van neuromodulatie, gepaard gingen met veranderingen in deze verbindingen.

In een deel van het onderzoek bleek gerichte magnetische stimulatie van gebieden binnen het SCAN effectiever voor motorische symptomen dan stimulatie van klassieke motorische gebieden.

‍

Deze bevinding ondersteunt een belangrijk neurowetenschappelijk inzicht: Parkinson kan niet uitsluitend worden begrepen vanuit afzonderlijke hersengebieden, maar moet ook worden bekeken vanuit de samenwerking tussen hersennetwerken.

‍

Dit vormt een belangrijke basis voor de verdere ontwikkeling van netwerkgerichte neuromodulatie.

‍

‍

Wat kunnen hersenritmes ons vertellen over Parkinson?

‍

Onze hersenen produceren voortdurend elektrische activiteit.

Deze activiteit bestaat onder meer uit ritmische patronen, die met een elektro-encefalogram (EEG) kunnen worden gemeten.

Bij Parkinson zijn veranderingen beschreven in verschillende frequentiegebieden, waaronder theta- en bèta-activiteit.

Deze hersenritmes hangen samen met de communicatie tussen hersengebieden en de regulatie van beweging.

Bijvoorbeeld: bepaalde afwijkende bèta-oscillaties in de basale ganglia zijn in verband gebracht met bewegingsvertraging en stijfheid.

Ook veranderingen in andere frequentiegebieden kunnen een rol spelen bij tremor en motorische controle.

De betekenis van deze hersenritmes hangt wel af van het hersengebied waarin ze gemeten worden.

‍

‍

Aandacht en cognitieve controle bij Parkinson

‍

Onderzoek van Hye Bin Yoo, Dirk De Ridder, Barbara Pickut en Sven Vanneste heeft bijgedragen aan het begrijpen van de cognitieve veranderingen bij Parkinson.

In een studie uit 2018 werden de elektrische hersenactiviteit en functionele verbindingen onderzocht bij 36 patiënten met Parkinson en 36 gezonde controlepersonen.

‍

De onderzoekers vonden veranderingen in hersennetwerken die betrokken zijn bij twee vormen van aandacht:

  • Top-down aandacht: bewust de aandacht richten op een taak of doel.
  • Bottom-up aandacht: automatisch reageren op belangrijke prikkels uit de omgeving.

‍

Bij patiënten met Parkinson waren verschillen zichtbaar in de activiteit en onderlinge verbindingen van deze aandachtsnetwerken.

Deze bevindingen helpen verklaren waarom concentratie en het uitvoeren van meerdere taken bij Parkinson moeilijker kunnen worden.

Ze tonen bovendien aan dat de neurologische veranderingen bij Parkinson niet uitsluitend betrekking hebben op beweging.

‍

Hoe behandelen?

Een behandeling die verschillende hersenfuncties ondersteunt

‍

Parkinson is een progressieve neurologische aandoening waarvoor momenteel geen genezende behandeling bestaat.

Wel zijn er verschillende mogelijkheden om symptomen te verminderen en het dagelijks functioneren te ondersteunen.

Medicatie die de beschikbaarheid of werking van dopamine beïnvloedt, vormt een belangrijke basis van de neurologische behandeling.

Daarnaast spelen gespecialiseerde kinesitherapie, bewegingstraining, ergotherapie en waar nodig logopedie een belangrijke rol.

Bij geselecteerde patiënten met gevorderde Parkinson kan ook diepe hersenstimulatie (deep brain stimulation, DBS) aangewezen zijn.

Bij deze behandeling worden via een neurochirurgische ingreep elektroden in specifieke diepgelegen hersengebieden geplaatst.

DBS kan bij geschikte patiënten belangrijke motorische symptomen verminderen, maar is niet voor iedereen aangewezen.

‍

Niet-invasieve neuromodulatie biedt daarnaast mogelijkheden om hersennetwerken te beïnvloeden zonder chirurgische ingreep.

‍

‍

Neuromodulatie bij Parkinson

‍

Neuromodulatie is een behandelbenadering waarbij elektrische, magnetische of andere vormen van stimulatie worden gebruikt om de activiteit van het zenuwstelsel gericht te beïnvloeden.

Bij Parkinson kunnen verschillende hersennetwerken een aangrijpingspunt vormen.

‍

Afhankelijk van de klachten kan de behandeling gericht zijn op systemen die betrokken zijn bij:

  • Bewegingsvertraging en spierstijfheid.
  • Tremor en motorische controle.
  • Het starten en coördineren van bewegingen.
  • Loop- en evenwichtsproblemen.
  • Aandacht, concentratie en cognitieve controle.
  • Bepaalde bijkomende stemmings- of andere neurologische klachten.

‍

Bij BRAI3N passen we gerichte neuromodulatie toe om de activiteit van hersennetwerken die betrokken zijn bij deze Parkinsonsymptomen te beïnvloeden. Hiermee streven we ernaar klachten te verminderen en het dagelijks functioneren te ondersteunen.

‍

Neuromodulatie wordt daarbij ingezet als aanvulling op de bestaande neurologische behandeling en gespecialiseerde revalidatie.

‍

‍

Wat toont het wetenschappelijk onderzoek?

De afgelopen jaren zijn verschillende belangrijke onderzoeken gepubliceerd naar niet-invasieve neuromodulatie bij Parkinson.

Deze studies laten zien dat bepaalde stimulatievormen niet alleen de activiteit van hersennetwerken kunnen veranderen, maar bij geselecteerde patiënten ook verbeteringen van motorische functies kunnen veroorzaken.

‍

Neuromodulatie van de supplementary motor area

In 2025 verscheen in Brain Stimulation een systematische review en meta-analyse naar niet-invasieve stimulatie van de supplementary motor area (SMA).

De onderzoekers analyseerden twintig gerandomiseerde klinische studies met in totaal 442 patiënten.

Uit de gezamenlijke resultaten bleek dat stimulatie van de SMA gepaard ging met een significante verbetering van motorische functies, gemeten met de motorische onderdelen van de Unified Parkinson's Disease Rating Scale.

Vooral de resultaten met transcraniële magnetische stimulatie (TMS) waren gunstig.

De studie ondersteunt de SMA als een belangrijk aangrijpingspunt voor neuromodulatie bij Parkinson.

‍

Elektrische stimulatie en hersenritmes

In een gerandomiseerde studie uit 2025, gepubliceerd in Cell Reports Medicine, onderzochten onderzoekers 60 patiënten met Parkinson.

Ze vergeleken verschillende vormen van transcraniële elektrische stimulatie (tES) met placebostimulatie.

De behandeling werd gericht op de motorische hersenschors.

De onderzoekers vonden dat transcraniële gelijkstroomstimulatie (tDCS) en transcraniële wisselstroomstimulatie (tACS) bepaalde patronen van elektrische hersenactiviteit konden veranderen.

Deze veranderingen gingen samen met verbeteringen van bepaalde motorische symptomen, waaronder stijfheid en bewegingsvertraging.

Bij tDCS werd daarnaast een gunstig effect op tremor waargenomen.

Deze studie is interessant omdat ze een verband laat zien tussen gerichte veranderingen in hersenactiviteit en veranderingen in motorische symptomen.

‍

Neuromodulatie in combinatie met revalidatie

Een andere belangrijke onderzoekslijn richt zich op de combinatie van neuromodulatie en actieve revalidatie.

In een systematische review uit 2024 werden 23 studies onderzocht naar het effect van tDCS, afzonderlijk of gecombineerd met revalidatie, op het stappen en evenwicht bij Parkinson.

De onderzoekers vonden verbeteringen op verschillende onderdelen van gang- en evenwichtsmetingen.

De resultaten ondersteunen het principe dat neuromodulatie kan worden gecombineerd met gerichte bewegingstraining om motorische functies te ondersteunen.

Ook andere overzichtsstudies benadrukken het belang van neuroplasticiteit: het vermogen van de hersenen om hun activiteit en verbindingen aan te passen onder invloed van training en stimulatie.

‍

‍

Neuromodulatie bij cognitieve klachten

Parkinson kan ook hersennetwerken beïnvloeden die betrokken zijn bij aandacht, geheugen en executieve functies.

Daarom wordt neuromodulatie niet alleen onderzocht voor motorische symptomen, maar ook voor het ondersteunen van cognitieve functies.

In een grote netwerkmeta-analyse uit 2026 werden 41 gerandomiseerde studies met in totaal 1.957 deelnemers onderzocht.

De analyse omvatte patiënten met Parkinson, Alzheimer en beroerte.

De onderzoekers vonden aanwijzingen dat bepaalde vormen van niet-invasieve neuromodulatie cognitieve prestaties en dagelijkse activiteiten kunnen verbeteren.

Vooral stimulatie van frontopariëtale hersennetwerken kwam naar voren als een interessante benadering.

De resultaten verschillen wel tussen de onderzochte neurologische aandoeningen en kunnen niet zonder meer worden vertaald naar iedere patiënt met Parkinson.

Een afzonderlijke meta-analyse die uitsluitend cognitieve klachten bij Parkinson onderzocht, vond geen significant gemiddeld voordeel van TMS of tDCS ten opzichte van placebo.

Daarom richten we ons bij cognitieve klachten op duidelijk omschreven individuele behandeldoelen, met systematische opvolging van het effect.

‍

‍

Occipitale zenuwstimulatie en cognitieve functies

Ook perifere zenuwstimulatie vormt een interessante onderzoekslijn.

Een van de gebieden die hierbij wordt onderzocht, is de grote achterhoofdzenuw (nervus occipitalis major).

Deze zenuw staat via het centrale zenuwstelsel in verbinding met systemen die betrokken zijn bij aandacht en geheugen.

Een mogelijke verklaring voor bepaalde effecten van occipitale zenuwstimulatie is de beïnvloeding van de locus coeruleus, een hersenstamkern die een belangrijke rol speelt in aandacht, alertheid en de regulatie van noradrenaline.

In 2026 publiceerden Liam Kennedy, Elva Arulchelvan, Sven Vanneste en Iracema Leroi een onderzoek naar occipitale zenuwstimulatie bij mensen met Parkinson en milde cognitieve stoornissen.

Dit onderzoek liet zien dat de behandeling bij een kleine groep deelnemers uitvoerbaar en goed verdragen werd.

Het biedt daarmee een aanknopingspunt voor verdere klinische toepassingen, maar stelde nog geen verbetering van cognitieve functies vast als bewezen behandelresultaat.

‍

‍

De mogelijkheden van gerichte neuromodulatie

De recente ontwikkelingen in de neurowetenschappen laten zien dat verschillende hersennetwerken bij Parkinson therapeutisch beïnvloedbaar zijn.

Naast elektrische en magnetische stimulatie worden ook nieuwe technieken onderzocht, waaronder laagintensieve transcraniële gefocuste echografie (transcranial focused ultrasound, tFUS).

Deze techniek gebruikt gerichte geluidsgolven om de activiteit van specifieke hersengebieden te beïnvloeden.

Daarmee ontstaat een bijkomende mogelijkheid om ook dieper gelegen structuren binnen het zenuwstelsel te bereiken.

De keuze van een neuromodulatiebehandeling hangt af van de betrokken hersennetwerken, de klachten die op de voorgrond staan en de beschikbare klinische onderbouwing.

Niet iedere techniek heeft dezelfde bewezen werking of wordt voor dezelfde indicaties toegepast.

‍

‍

Hoe benadert BRAI3N Parkinson?

Bij BRAI3N vertrekken we vanuit een netwerkgerichte benadering van neurologische aandoeningen.

We kijken niet alleen naar de diagnose Parkinson, maar vooral naar welke functies het dagelijks leven het sterkst beïnvloeden.

Bij de ene patiënt staan bewegingsvertraging en stijfheid op de voorgrond. Bij een andere patiënt zijn het vooral concentratieproblemen, vermoeidheid, stemming of andere niet-motorische klachten.

Op basis van de klinische evaluatie bekijken we welke hersennetwerken een relevant aangrijpingspunt kunnen vormen voor neuromodulatie.

Waar aangewezen stemmen we de behandeling af op de bestaande neurologische zorg en revalidatie.

Ons doel is niet om de ziekte van Parkinson zelf te genezen, maar om met gerichte neuromodulatie bepaalde symptomen te beïnvloeden en het dagelijks functioneren zo goed mogelijk te ondersteunen.

Inspired by Science, driven by care.

‍

Het BRAI3N-behandeltraject

‍

1. In kaart brengen

Tijdens een eerste evaluatie bespreken we je klachten, medische voorgeschiedenis en bestaande neurologische behandeling.

Daarbij besteden we aandacht aan:

  • Bewegingsvertraging, tremor en spierstijfheid.
  • Loop- en evenwichtsproblemen.
  • Aandacht, concentratie en geheugen.
  • Slaapkwaliteit en vermoeidheid.
  • Angst, stemming en motivatie.
  • Medicatiegebruik en eventuele schommelingen in het effect van de medicatie.
  • De invloed van de klachten op je dagelijks functioneren.

Waar relevant kunnen bestaande neurologische onderzoeken en cognitieve testen worden meegenomen.

Een qEEG-meting en analyse geeft aanvullende informatie over de elektrische hersenactiviteit maar vervangt geen neurologische diagnose en kan niet zelfstandig bepalen welke neuromodulatiebehandeling het beste resultaat zal geven.

‍

2. Gericht behandelen

Op basis van de klinische evaluatie bekijken we welke klachten prioritair zijn.

Wanneer neuromodulatie aangewezen is, kiezen we een behandelbenadering die aansluit bij de betrokken hersenfuncties.

De behandeling kan waar passend gecombineerd worden met bestaande medicatie, motorische revalidatie of cognitieve training.

‍

3. Stabiliseren

Tijdens het behandeltraject volgen we hoe de klachten en het dagelijks functioneren evolueren.

We kijken bijvoorbeeld naar veranderingen in beweging, stijfheid, tremor, concentratie, mentale belastbaarheid en andere vooraf bepaalde behandeldoelen.

Omdat Parkinsonsymptomen kunnen variëren naargelang het tijdstip en de medicatie, houden we hier bij de evaluatie rekening mee.

Op basis van de resultaten kan de behandeling worden aangepast.

‍

4. Onderhouden

Wanneer er verbetering optreedt, bekijken we hoe deze zo goed mogelijk behouden kan blijven.

Verdere neurologische opvolging, medicatie, bewegingstraining en andere revalidatie blijven daarbij belangrijk.

Niet iedere patiënt heeft dezelfde behandeling of een onderhoudstraject nodig.

‍

‍

Kan neuromodulatie helpen bij Parkinson?

Heb je de ziekte van Parkinson en ervaar je ondanks de bestaande behandeling nog steeds klachten die je dagelijks leven beïnvloeden?

Dan kan het zinvol zijn om te onderzoeken of gerichte neuromodulatie een aanvullende behandelmogelijkheid biedt.

BRAI3N biedt een unieke combinatie van wetenschap en zorg.‍

Door de nauwe samenwerking tussen neurowetenschappers en clinici worden wetenschappelijke inzichten zorgvuldig naar de klinische praktijk vertaald.

‍

Neem vrijblijvend contact op of maak een afspraak

‍

‍

‍

‍

‍

‍

Wetenschappelijke achtergrond

‍

‍

Parkinson’s disease as a somato-cognitive action network disorder

Ren J, Zhang W, Dahmani L, et al. Nature. 2026;651:1030–1039.

‍

Advancements in invasive and non-invasive neuromodulation for Parkinson’s disease: current findings and future directions

Koirala N, Bange M, Wagle Shukla A, Muthuraman M. npj Parkinson's Disease. 2025;11:221.

‍

Common and specific effects in brain oscillations and motor symptoms of tDCS and tACS in Parkinson’s disease

Liu J, Zhu Y, Chen B, Meng Q, Hu P, Chen X, et al. Cell Reports Medicine. 2025;6:102044.

‍

Effects of non-invasive brain stimulation over the supplementary motor area on motor function in Parkinson’s disease: A systematic review and meta-analysis

Chen Y, Jiang H, Wei Y, Ye S, Jiang J, Mak MKY, et al. Brain Stimulation. 2025;18:1–14.

‍

Effects of transcranial direct current stimulation alone and in combination with rehabilitation therapies on gait and balance among individuals with Parkinson’s disease: a systematic review and meta-analysis

Nguyen TXD, Mai PT, Chang YJ, Hsieh TH. Journal of NeuroEngineering and Rehabilitation. 2024;21:27.

‍

Efficacy of non-invasive neuromodulation technologies in improving cognitive function and activities of daily living in patients with Alzheimer’s disease, Parkinson’s disease, and stroke: a systematic review and network meta-analysis

Wang C, Chen H, Liu M, Lu W, Hao Z, Wang B. Journal of NeuroEngineering and Rehabilitation. 2026;23:46.

‍

TMS and tDCS as potential tools for the treatment of cognitive deficits in Parkinson's disease: a meta-analysis

Giustiniani A, Maistrello L, Mologni V, Danesin L, Burgio F. Neurological Sciences. 2025;46(2):579–592.

‍

The Functional Alterations in Top-Down Attention Streams of Parkinson’s disease Measured by EEG

Yoo HB, de la Concha EO, De Ridder D, Pickut BA, Vanneste S. Scientific Reports. 2018;8:10609.

‍

Greater occipital nerve stimulation for cognitive impairment in Parkinson's disease: A two-stage feasibility and tolerability study

Kennedy L, Sanagavaram A, Arulchelvan E, Vanneste S, Leroi I. HRB Open Research. 2026;8:124. Versie 2.

‍

Mindfulness based intervention in Parkinson’s disease leads to structural brain changes on MRI: A randomized controlled longitudinal trial

Pickut BA, Van Hecke W, Kerckhofs E, Mariën P, Vanneste S, Cras P, et al. Clinical Neurology and Neurosurgery. 2013;115(12):2419–2425.

‍

Mindfulness Training among Individuals with Parkinson’s Disease: Neurobehavioral Effects

Pickut B, Vanneste S, Hirsch MA, Van Hecke W, Kerckhofs E, Mariën P, et al. Parkinson's Disease. 2015;2015:816404.

‍

Clinical diagnostic utility of transcranial magnetic stimulation in neurological disorders. Updated report of an IFCN committee

Vucic S, Chen KHS, Kiernan MC, Hallett M, Benninger D, Di Lazzaro V, et al. Clinical Neurophysiology. 2023;150:131–175.

‍

Neuromodulation techniques – From non-invasive brain stimulation to deep brain stimulation

Davidson B, Bhattacharya A, Sarica C, Darmani G, Raies N, Chen R, et al. Neurotherapeutics. 2024;21.

‍

A review of combined neuromodulation and physical therapy interventions for enhanced neurorehabilitation

Evancho A, Tyler WJ, McGregor K. Frontiers in Human Neuroscience. 2023;17:1151218.

‍

A review of functional neuromodulation in humans using low-intensity transcranial focused ultrasound

Lee K, Park TY, Lee W, Kim H. Biomedical Engineering Letters. 2024;14:407–438.

‍

‍

‍

Opgemaakt door Prof. Dr. Sven Vanneste, Prof. Dr. Dirk De Ridder en Jan Ost - 23.10.2026

Andere aandoeningen die wij behandelen

Auditieve en vestibulaire aandoeningen

Deze aandoeningen hebben te maken met gehoor en evenwicht en kunnen een grote impact hebben op je dagelijks leven.

Neurologische en cognitieve stoornissen

Deze aandoeningen beïnvloeden de hersenfunctie, wat kan leiden tot problemen met aandacht, geheugen en motoriek.

Psychische en emotionele aandoeningen

Psychische aandoeningen kunnen diepgeworteld zijn in neurobiologische disfuncties.

Chronische pijn- en vermoeidheidssyndromen

Chronische pijn en vermoeidheid zijn vaak moeilijk te behandelen met conventionele methoden, vooral wanneer er geen duidelijke lichamelijke oorzaak is.

Vermoeidheidssyndromen en slaapstoornissen

Slaap en energiebeheer zijn essentieel voor het functioneren van de hersenen. Problemen in deze gebieden kunnen leiden tot ernstige vermoeidheid en concentratieproblemen.

Hoofdpijn- en aangezichtspijnaandoeningen

Hoofdpijn en aangezichtspijn kunnen het gevolg zijn van complexe neurologische processen.

Laten we samen jouw situatie bekijken

Klaar om de eerste stap te zetten?

Onze specialisten staan klaar om je te helpen. Ontdek welke behandelingen mogelijk zijn of plan een consultatie.